Let op! U gebruikt een sterk verouderde browserversie.

Deze browser heeft veiligheidsissues en kan niet alle mogelijkheden van deze en andere websites weergeven.
Lees meer over het upgraden van uw browser .

MijnKliksafe is wel goed bereikbaar.

Ouders en tieners over elkaars smartphonegebruik

#Mediaopvoeding

Geplaatst op 24 oktober 2019

Afbeeldingsresultaat voor chi 2019

Hypocriet versus Alien

‘Ik zie alleen je voorhoofd.’ Quote uit het onderzoek ‘Everything’s the Phone’, door een tiener tegen zijn moeder. Geen grapje: dit zeggen tieners over het smartphonegebruik van hun ouders.

Dit jaar was ik weer aanwezig op het grootste internationale congres over de relatie tussen mensen en computer: CHI2019. Daar werd een heel aantal interessante onderzoeken gepresenteerd: informatie die ons helpt om onze producten zo veilig mogelijk te maken.

Het onderzoek over smartphonegebruik van pubers en hun ouders is gedaan door Katie Davis (University of Washinton), Anja Dinhopl en Alexis Hinniker. Sponsor: Facebook.
Wat blijkt: zowel ouders als tieners klagen over het vele smartphone gebruik van de andere partij.

De tieners van nu groeien op als Aliens, met hun leven dat zich voor een groot deel online afspeelt.

Aliens

Ouders zouden het liefst willen dat er geen smartphones meer zijn, ondanks dat ze zelf ook intensief gebruiken. Ze hebben nostalgische gevoelens over hun eigen, smartphone-loze, jeugd, en maken zich zorgen over de toekomst van hun kinderen. De tieners van nu groeien op als Aliens, met hun leven dat zich voor een groot deel online afspeelt. Ze hebben geeneens echt (offline) contact meer en maken de hele tijd selfies.

Hypocrieten

Tieners zouden liever veel meer gezamenlijke dingen doen (eventueel met het gebruik van de smartphone), en vinden hun ouders hypocriet. Ze stellen regels, maar gebruiken zelf net zo goed de hele dag dat ding. Ze houden zich zelf nooit aan de regels.

Overeenkomsten

Toch zijn er veel overeenkomsten in hoe ouders en tieners hun eigen smartphonegebruik zien:

    • Ze zeggen allebei: ik gebruik hem teveel;
    • En: ik word er vaak door afgeleid;
    • Ze hebben allebei de neiging er steeds op te kijken;
    • Ze vinden dat ze goede redenen hebben om er zelf op te kijken, maar ergeren zich aan het gebruik van de ander;
    • Ze gebruiken hun telefoon voor ontspanning;
    • Ze willen graag wat tijd voor zichzelf;
    • En willen graag meer tijd met de ander doorbrengen, maar zien de telefoon (van de ander) als een blokkade daarvoor.

Als iedereen hetzelfde ervaart, zou je denken dat er meer verbinding ontstaat. Maar het probleem is: beide partijen zien de grote, negatieve rol van de smartphone vooral als de schuld van de ander. Dat zorgt vooral voor verwijten in plaats van verbinding.

Hoe denk jij over het telefoongebruik van de ander?

Nelleke
Over de auteur:

Nelleke werkt op de afdeling marketing en communicatie bij Kliksafe. Ze houdt van schrijven, lezen, snowboarden, muziek en reizen. Snapt niks van proxyservers en dat soort dingen, en op haar kantoor hangt de muur vol met vellen papier. Met quotes, met tekeningen: alles wat inspireert en motiveert.

Reageren?

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Lees meer

Lees meer over het onderzoek over smartphonegebruik van pubers en hun ouders, door Katie Davis (University of Washinton), Anja Dinhopl en Alexis Hinniker. 

CHI2019
Deel dit bericht op: