Let op! U gebruikt een sterk verouderde browserversie.

Deze browser heeft veiligheidsissues en kan niet alle mogelijkheden van deze en andere websites weergeven.
Lees meer over het upgraden van uw browser .

Serviceweb is wel goed bereikbaar.

Is wifistraling gevaarlijk voor je gezondheid?

Geplaatst op 28 juni 2018

Er zijn nogal wat geruchten rondom de mogelijke gevaren van straling van apparaten zoals draadloze modems (wifi) en mobiele telefoons. Misschien heb je wel eens iemand horen zeggen dat je mobieltjes niet zo dicht tegen je oor moet houden, of dat je niet te dicht in de buurt van de magnetron moet gaan staan als je er iets mee opwarmt. Wifi-straling is onzichtbaar en daarom voor sommige mensen “eng”. De (vermeende) effecten van zogenaamde elektromagnetische straling op mensen variëren van hoofdpijn en slapeloosheid, tot de gevaarlijkste vormen van kanker. Toch blijft de intensiteit van de elektromagnetische straling (door het toenemend gebruik van apparaten) toenemen.
Hoe zit dat precies? Tijd voor wat achtergrondinformatie.

Wat is straling
Om te begrijpen wat het effect van elektromagnetische straling op je lichaam is, moeten we eerst uitvogelen wat deze straling precies is.
Simpel gezegd: elektromagnetische straling is een vorm van licht. Met onze ogen kunnen we maar een heel beperkt deel van het lichtspectrum zien. Er is meer licht dat we niet kunnen zien dan licht wat we wel kunnen zien…!
Licht is een golf – net als geluid. Golven bewegen – of beter gezegd: trillen. De snelheid van trillen noemt men de frequentie. In een geluidsgolf (= trillende lucht) bepaalt die frequentie de toonhoogte. Licht is een speciaal soort golf, omdat de energie die door de golf gedragen wordt, alleen in 'pakketjes' kan worden overgedragen. Zo'n pakketje heet een foton, en dit kan door onze ogen worden gezien als een 'deeltje' van licht. De frequentie van het licht bepaalt (voor het deel dat wij ervan kunnen zien) de kleur. Maar het bepaalt ook de hoeveelheid energie die zo’n foton met zich meedraagt.

 

Energie
De hoeveelheid energie in die lichtdeeltjes is een van de factoren die bepalen hoe schadelijk de straling is voor levend weefsel. In het plaatje hierboven loopt dat van weinig energie (links, radiostraling) naar heel veel energie (rechts, gammastraling).
Zichtbaar licht is geen probleem, omdat er niet zoveel energie in zo’n foton zit. Het licht dat wij kunnen zien valt daarom onder de “niet-ioniserende straling”. Dat wil zeggen dat deze straling te weinig energie bevat om schade aan te richten aan bijvoorbeeld onze huid. 

Schadelijk
Je ziet in de afbeelding hierboven dat rechts van het zichtbare licht het gevaarlijke gebied begint: UV-straling. Die maakt dat je huid verbrandt als je te lang in de zon zit.
Andere bekende voorbeelden van schadelijke straling zijn röntgenstraling en gammastraling. Deze soorten straling hebben een enorm hoge frequentie, en dat betekent dus dat elke foton erg veel energie meedraagt. Die energie kan ons lichaam schade toebrengen. Door dit soort straling kunnen mensen kanker krijgen.

En wifi-straling?
De straling die wordt gebruikt voor wifi heeft een lage frequentie (2,4 of 5 GHz).
De sterkste wifi-straling die wordt gebruikt bij draadloze netwerken is qua energie 100.000 keer zwakker dan zichtbaar licht! Veruit de meeste straling die door moderne technologie geproduceerd wordt is niet-ioniserend. Gelukkig maar, anders zou het snel slecht met ons aflopen.

Dus veilig?
Bovenstaand relaas is niet het hele verhaal. Er zijn een aantal andere effecten van elektromagnetische straling - ook niet-ioniserende - die mogelijk schadelijk zouden kunnen zijn. Deze effecten hebben hoofdzakelijk te maken met de opwekking van warmte (hetzelfde effect dat magnetrons gebruiken). Wat een magnetron doet is warmte opwekken door watermoleculen te laten bewegen.
Deze effecten zijn gelukkig heel klein; als je een mobiele telefoon bij je hoofd houdt, dan zorgt dat voor een opwarming van een fractie van een graad. Als je even in de zon zit, of je even inspant, is de opwarming een stuk groter. Een magnetron gebruikt heel veel vermogen om dat opwarm-effect te krijgen, duizend tot zesduizend keer zoveel als wifi-modems.
De enige plek op het lichaam waar de straling misschien voor schade kan zorgen, zijn de ogen. Die kunnen de temperatuur namelijk minder goed reguleren dan de rest van het lichaam.

Wetenschappelijk onderzoek
Bij een onderzoek bij konijnen bleek dat blootstelling aan radiostraling bij de ogen tot vertroebeling van de ooglens leidde. Dit effect werd echter niet waargenomen bij apen. Het ging om een hoeveelheid radiostraling van 100 tot 140 Watt per kilo lichaamsgewicht. Draadloze routers en mobiele telefoons geven véél minder dan 100 W/kg aan straling af. Draadloze routers zijn gelimiteerd op 100 milliwat, dat is duizend keer zo weinig.
Een Deens onderzoek met 420.000 deelnemers, uitgevoerd over 20 jaar, vond geen verband tussen mobiel telefoongebruik en risico op kanker. Een vervolgonderzoek, gepubliceerd in 2011, kwam op hetzelfde resultaat uit. Dezelfde uitkomst zie je bij talloze andere onderzoeksprojecten over radiostraling en kankerrisico. Er zijn een aantal onderzoeken uitgevoerd naar andere effecten van radiostraling, zoals slaapstoornissen en vruchtbaarheid. Deze komen veelal tot dezelfde conclusie, hebben uiteenlopende resultaten, of worden bekritiseerd op hun onderzoeksmethoden.

Samenvattend
Met onze huidige kennis kunnen we de elektromagnetische straling die wordt geproduceerd door draadloze modems veilig verklaren. Maar dat wil niet zeggen dat daarmee de kous af is. We weten niet of er bijvoorbeeld effecten op de lange termijn zijn op heel tere weefsels. Maar het blijft een feit dat gewoon zichtbaar licht gevaarlijker is dan de straling van wifi. Er is dus meer reden om verontrust te zijn over zonnebrand dan over wifi-straling.

Bronnen
- Dit artikel is een bewerking van een deel van een artikel van Jesse van Rhijn (student Technische Natuurkunde) uit de Focus, kwartaalblad van studievereniging Arago, Universiteit Twente)
- P. Frei, A.H. Poulsen et al. (2011), Use of mobile phones and risk of brain tumours; update of Danish cohort study, BMJ 2011;343:d6387

 

Over de auteur:
Herman verdiepte zich (voordat hij in 1995 het internet ontdekte) in geologie, theologie en de zorg voor mensen met een verstandelijke handicap. Door zijn brede belangstelling kan hij ingewikkelde dingen soms verrassend eenvoudig uitleggen.

Reacties (1)

  1. Hendrikus schreef:

    Het boek van Jacques Baan ( Paniek, ISBN: 9789033129001 ) laat mij een hele ander verhaal ” geloven” wat is nu waar?

Reageren?

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.